Intuïtief Café

Alle Afleveringen

Het moet anders kunnen, maar hoe ¿?

Shownotes

Wat als het leven niet “gefixt” hoeft te worden, maar je mag leren bewegen met alles wat je voelt?
Dit gesprek gaat over overtuigingen, angst, zachtheid, zelfreflectie en de kracht van echt naar binnen durven kijken. Over hoe juist de kleine momenten — zelfs een gesprek over een worstje bij de lunch — je iets groots kunnen laten zien over jezelf.

Niet perfect worden. Maar vrijer worden. Zachter. Bewuster.

En misschien ontdekken dat er veel meer mogelijk is dan je ooit hebt geleerd.

Verder praten?

Word stamgast van ons online café en praat mee over deze aflevering!

Lees transcriptie
Iets wat ik graag wil delen, omdat ik voel en weet en heb ervaren wat dit mij heeft gebracht. Ik ervaarde het leven als een hele intense bedoeling en ik had op een gegeven moment zoiets: dit moet anders kunnen. Dat was mijn gedachte, letterlijk: dit moet anders kunnen. Maar hoe dan? Niemand vertelt het je, niemand laat het je zien. De verhalen zijn of: oh, het is geweldig, dit is je redding. Allemaal gedaan en het is het niet. Want waar het op neerkomt is dat het leven geen gefixt deel is. Maar dat je wel kan leren wat we niet hebben geleerd: om comfortabel te worden met die flow. Maar ook met wat je ervaart. Snappen dat je daar invloed op hebt door van binnen te gaan voelen. Ik gun iedereen handvatten waarin je zelf kan gaan ontdekken, op jouw manier, hoe jij jouw leven betekenis kan geven voor jou, zodat het wordt hoe jij het wil ervaren, met de ervaringen die jij wil ervaren. En als de ervaringen wat spannender of intenser zijn, dat jij voelt: oké, ik kan dit. En daar wil ik jou ondersteunen. Ja, en wat ik bedoelde te zeggen: we hadden het er wel eens over gehad. Waarom wordt het niet op de basisschool verteld? Het wordt nooit verteld, je komt er een keer achter. Ja, hoe ik het ervaar, is: ik wil graag delen wat ik allemaal heb geleerd en ervaren, zodat mensen zelf kunnen kiezen en spelen met de verschillende dingen. Want voor iedereen is het anders. Maar ik heb ook ervaren hoe krachtig het is met mensen die met mij werken. Hoe ontzettend krachtig het is als je in één keer het voelt. Dit is het dus. Want onze angst voor de angst is zo groot. Angst voor pijn, angst voor angst, angst voor het onbekende. Als je je projectie naar buiten hebt en denkt dat de wereld bepaalt hoe jij leeft, is het ook eng en overweldigend en lastig. Maar als je leert werken met de gereedschappen die we allemaal hebben, waar we niet bewust van zijn, dan wordt het een ander verhaal. Alleen, ik realiseer me ook terdege dat dit niet voor iedereen iets is wat ze willen. Want ik kan het wel willen, ja, dit is wat ik zou willen dat we op scholen ook leren. Maar dat betekent dat ik dan eigenlijk ook zeg: docenten moeten naar zichzelf gaan kijken. Maar ik kan niemand dwingen naar zichzelf te kijken. Dat klopt. Want dat is een spannende stap. Zo spannend. Om echt te gaan voelen en naar jezelf te kijken. Dat is ook gewoon, en dat is geen kattenpis. Het is niet makkelijk om echt te voelen wat daar zit. Maar als je het eenmaal doet, merk je dat het niet zo eng en spannend was als je dacht. Wel intens. Maar de verandering die er komt, die is wat de moeite waard maakt. En dan hoef je niet alleen te doen. Ik heb heel veel alleen gedaan om erachter te komen, dat het toch fijner is als je dat samen kan doen. En samen was al heel klein met z’n tweeën. En nu met z’n drieën, en daar zie je alweer dynamiek in. Ja. En eigenlijk nodigt het jou uit om ook nog weer eens met jezelf te zitten. Ja, even uitleggen wat je bedoelt met z’n tweeën, met z’n drieën en met jezelf. Want ik denk dat mensen anders niet weten waar jij het over hebt. Met je bestie. Met mijn bestie, ja. Daar werk ik. Die heb ik zes jaar geleden leren kennen, online, via die spirituele hoek, om samen te gaan ontdekken dat dat niet eens de weg is die we willen. We willen het aards. We zijn niet van niks mens, met alles wat erop zit. Dus hoe gaan we dit ontdekken? En die hebben wij samen zo gedaan. Eerder heb ik met een andere dierbare vriendin gewerkt, maar die is overleden. Toen ben ik het weer alleen gaan doen. Toen met Natalia. En nu inderdaad met jou. Dus met z’n drieën. Ook met Natalia en met jou. En daarin inderdaad de uitnodiging naar mezelf: kan ik dit nog een keer met mezelf liefdevol bekijken? Kan ik dit nog een keer met mezelf? Hoe was het voor mij fijn geweest vroeger? Wat had ik willen horen? Wat had ik willen hebben? Welke toegang? Welke... Je omschrijft het als: ik ben naar mijn kleine mij aan het praten. Als de gids voor de kleine Renske. Ja. Ja. Structureel, want dat is waar trauma’s zitten. En trauma’s is een groot woord voor ook kleine dingen. Als jij twee bent, is de wereld er, je ziet er echt anders uit dan wanneer je volwassen bent. Dus dingen kunnen dan zo binnenkomen en dat vormt een trauma. Alleen al een boze blik van je vader kan jou het idee geven: oh mijn goede god, er is iets mis met mij, juist. En dat zet zich vast, want je kunt dat op dat moment niet vertalen. Dat zijn gewoon trauma’s, en daar bouwt de rest op voort. En hoe zachter je bent met jezelf, hoe meer dat stroomt en hoe meer ruimte er komt en hoe meer je ook invloed krijgt op wat je doet. Die uitnodiging om zachter naar jezelf te gaan, dat kan een mensenleven duren. Natuurlijk, dat is oneindig. We denken altijd in begin tot eind, maar die is er niet. Daar geloof ik niet in. Er is geen begin en eind. Voor mensen die graag toch wat meer in de wetenschap zitten, omdat ze het te spannend vinden om te vertrouwen op alles wat er van binnen voelt: de wetenschap loopt er ook een beetje in. En die begint ook te ontdekken dat er eigenlijk geen einde is. Quantumfysica is een leuke daarin, als je geïnteresseerd bent in iets meer controle. Controle, een wetenschappelijke controle, is meer ruimte. Ja, het is maar wat je wil. Ik bedoel, wat ik zeg is niet nieuw. Dit wordt al eeuwen, ook heel veel dingen worden al eeuwen doorgegeven. Door wijze mensen. Joh, er is meer dan je denkt. Er is meer tussen hemel en aarde. En wij zijn in staat tot grote dingen. En het is ook zo. Het is ook zo, maar durf je het aan? Dat is de uitnodiging. En hoe zachter je bent met jezelf, want dat is de ontwikkeling die we eerst hebben te maken. Voelen wat heeft het leven met mij gedaan? En hoe heb ik het ervaren? En dan ben ik nu nieuwsgierig. Mijn dochter kwam naar me toe en zei: papa, alweer geen worstje voor bij de lunch. Al de hele week niet. Ik zei: nou schat, maandag had je een worstje mee. En het is niet vanzelfsprekend dat altijd maar alles er is. En toen begon ze te huilen en ze was, nou ja, in mijn ogen wel duidelijk teleurgesteld. Maar alle gevoelens doen ertoe. Ze is daarover echt aan het huilen en ik heb het uitgelegd, maar ik ga niet in haar teleurstelling mee. Nee, er zit een nieuwe uitnodiging in. Dit ging over de uitnodiging aan jou. Waarom geloof jij dat er niet altijd alles er is? Dat is een mentaliteit van gebrek. Dat zie je heel veel nu op het nieuws, denk ik. Er is niet genoeg dit, er is niet genoeg dat, er is niet genoeg zo. Maar als je gaat zoeken, er is genoeg van alles. Het wordt alleen op bepaalde plekken geconcentreerd. Dit is hoe we de wereld weer spiegelen. Dus jouw overtuiging: er is niet genoeg. Daar komt het op neer. Het kan niet altijd feest zijn. Volgens wie? Jouw dochter is nog heel jong, die hebben die grenzen nog niet. Dus zij gelooft nog in overvloed. Ja, en die ervaart ze dan dat die er dus niet is? Want jij zegt haar letterlijk... Nee! Ja, maar dat is er niet. Er kan niet altijd feest zijn. Je hebt het toen gehad, dus nu niet. Maar als je het nu zachter zou zeggen, wat zou je bijvoorbeeld kunnen doen met je dochter? Wat is haar uitnodiging aan jou, in plaats van jouw uitnodiging aan haar? Dus andersom, neem hem andersom. Ik heb haar uitgenodigd om een alternatief te pakken. Nee, haar uitnodiging aan jou. Oh, je bedoelt dat ik zou zeggen: oh schat, ik had er niet bij stilgestaan dat jij het ook zo lekker vond. Volgende keer geef je het aan en dan zorgen we dat er wel genoeg is. Ja, is dat al voldoende? Ja, probeer het maar eens. Het is niet groot. Het hoeft niet groot. We denken altijd moeilijk. Maar hoe simpeler je het maakt. Zij deelt haar teleurstelling, zij was zo blij met dat worstje. En als je die financiële ruimte hebt voor dat worstje, is het dan echt waar dat het niet iedere dag kan? Of is het gewoon simpelweg: je hebt daar niet bij stilgestaan, want het is jouw beleving niet, maar wel de hare. En zij geeft het nu aan jou. Is dan misschien de zachtheid in jou: hey vrek, daar heb ik echt niet bij stilgestaan. Kom meid, ik wist niet dat je daar zo van genoot. Maar we kunnen wel afspreken dat als jij ergens van geniet, dat jij het aangeeft. En dan gaan we kijken wat mogelijk is. Het is toch een hele andere boodschap dan: ja, het is niet iedere dag feest. Ja, dat klopt. Dus van de ene kant probeer je haar te behoeden voor teleurstelling in de wereld, maar van de andere kant creëer je hem op dat moment, omdat je haar een overtuiging geeft die van jou is en niet van haar. Dus zij helpt omdat je eigenlijk haar gevoel van oneindig even op dat moment niet ziet, omdat er jouw beleving niet was. Je hebt het zo niet gezien. Dat is wat kinderen ons leren: dat is wat we willen andersom. Dus niet: ik heb jou wat te leren, hé. Kinderen leren jou wat, dus die nodige structurele uitnodiging om te voelen en te kijken van binnen: Waar heb ik mijn grenzen gemaakt en gecreëerd? Waar zijn mijn overtuigingen gecreëerd? En is dit echt waar? Of is dit gewoon iets wat ik zo opgedaan heb en daar nooit kritisch over nagedacht? Hoe voelt hij? Dan zit ik te zoeken van: waar doe ik dat nog meer? Waar zie ik nog meer? Maar nu probeer je te rennen? Terwijl je nog gaat lopen. Dus je pakt alleen dit stukje. Dit is de kunst. Kun je het pakken met alleen het stukje wat op dit moment is? Want dat is wat zich aandient. Dus dan mag je vertrouwen dat dat nodig is. Dus controle loslaten. En daardoor krijg je eigenlijk behapbare stukken. Want dit is wat er nu is. Dus mag ik dit nu voelen? Shit, dit voelt oncomfortabel. Misschien voelt het ook een beetje als kritiek. Misschien voelt het een beetje als een falen. En dat zijn normale emoties. Maar we proberen die altijd omheen te lopen, omdat we niet geleerd hebben dat ze ons juist ruimte brengen als we ze durven voelen. En daar zit de opening. Ja, het voelt... Mijn onzekerheid kwam heel erg naar boven. Faalangst. Oh jee, ik heb het fout gedaan, help. Nou ja, en toen zei ik: maar het kan niet altijd feest zijn. Nu snap je hem. Je hebt hem te voelen, ook als een oncomfortabelheid. Want daar zit hem, de kern. En dit is een proces, dat is best lastig. En daarom zal niet iedereen dit zomaar gaan doen. Want het vraagt echt wel zelfreflectie en dingen die we niet gewend zijn. En dat is niet altijd lekker. Dat is net als die paar schoenen die je al 100 jaar hebt: die wil je niet zo graag verruilen voor die nieuwe, want die doen gewoon... die zitten oncomfortabel. Maar op een gegeven moment is het wel normaal, die lopen op je zolen. En dat gevoelstuk op dat moment, en erop blijven vertrouwen dat alleen dat op dat moment goed is of juist genoeg. Dat bedoel jij volgens mij met comfortabel zijn in de flow: daarmee vervuld te zijn op dat moment, in dat moment. Ja, maar je ook realiseren dat als je hiermee start, dat je het niet altijd op het moment ziet. En dat die reflectie-oefening die we al eerder hebben gedaan, altijd van toepassing is. Ik heb iets ervaren wat me geraakt heeft, want dit heeft jou geraakt. Jouw dochter, dat raakt je. En dat wil je niet, want je wil dat ze happy is. Dat is iets wat we allemaal willen. Maar juist omdat het je raakt, ga daarna naar jezelf toe en ga voelen: wat zegt dit nu over mij? Wat is hier aan het spelen? Die, dat. Dus je zult, ik heb ook momenten dat ik niet op dat moment voel wat er speelt. Want dat is ook gewoon: al gaande leert men. Met reflectie leer je het steeds meer. En dan zul je ook merken dat je bepaalde dingen zo eigen maakt dat je daar niet meer over na hoeft te denken. Dat het automatisch gaat, maar iedere keer wel weer een nieuwe laag tegenkomt van: oh, dat was oncomfortabel, oh, dit vond ik lastig. Oh, dan moet ik even mee gaan zitten om terug te kijken: wat voelde, wat gebeurde er, wat ervaarde ik, wat is de uitnodiging naar mij? Niet naar buiten, zelfs niet met je kinderen, niet naar buiten, naar mij. Waar nodigt dit mij toe uit? En dan kun je teruggeven. Als je wil, maar het hoeft niet. Snap je nu wat ik bedoel? Ja. Dus dit is niet een: oh, ik doe het even zitten. Nee, nee, nee. Dit is een manier waarop je wel leert omgaan met jezelf. En je voelt hem al de ruimte creëren van: jee. Dit is evolutie. Snappen dat de nieuwe generatie je altijd uitnodigt tot groei. Kan ik, met mijn gevoel van oncomfortabel, mijn schaamte, mijn teleurstelling, mijn "niet goed genoeg", kan ik daar mee gaan zitten? Om te gaan voelen: wauw, eigenlijk ben ik heel kapabel, want zij laat mij iets zien en ik neem de uitnodiging aan. En ik zie het. En misschien niet op dat moment, maar ik doe er wat mee en ik kom er mee terug. Is er ook een? Als jij nu terugkomt bij je dochter, wat zou jij? Nu zeg je, met het inzicht dat je net gevoeld hebt. Ik weet dat ze geniet van die worstjes. Hey, ik wil daar toch eens even op terugkomen. Ik had er niet over nagedacht en het was niet aanwezig. Maar we kunnen wel ervoor zorgen dat het iedere dag feest is. Dan halen we gewoon nieuwe worstjes op. Wat leuk, dank je wel. Dus ik heb mijn gedachten veranderd. Dan geef je haar meteen onbewuste toestemming dat je mag veranderen van de overtuiging. Dat ik niet hoef vast te houden aan wat ik heb aangeleerd. Oh ja, dat is ook fijn. Dan maak ik het ook simpel voor haar. Je houdt het heel simpel. Je hoeft het heel niet moeilijk. Kinderen vragen niet om moeilijk. Ons innerlijke zelf ook niet. Ons brein, die wil simpele instructies. Letterlijk. Onze innerlijke kind noem ik dat. Dat is uit de alternatieve sector, maar ook de andere sector is er wel. Maar jouw innerlijke stuk, de gewoon helderheid en simpel. Dat hoeft niet moeilijk. Hoe moeilijker je het maakt, hoe lastiger je het maakt. Dus communiceer met jezelf. En doordat je gewoon dit teruggeeft aan je dochter: Ik kom daar even op terug. Ik had daar niet over nagedacht. Maar wat een goed idee van jou, dat je eigenlijk gewoon alles kunt hervullen. Gaan we dat doen? Maar help me herinneren dan als je het er niet ziet liggen. Volgens mij, paps. Of als je het bijna niet meer ziet liggen. Ja, noem maar wat. Dat je een beetje daarin gaat spelen. En dan leert zij ook. Ik hoef niet vast te houden als ik A bedacht heb, dat het A moet zijn. Maar A kan ook B worden als dat beter voelt. Misschien is dan de uitleg handig: wat is een overtuiging? Ik geloof dat ik hard moet werken om waardevol te zijn. Ik geloof dat ik dienstbaar moet zijn om een goed mens te zijn. Ik geloof... dat ik mag spelen in wat ik doe. En daarmee goed genoeg is ook een overtuiging. Overtuigingen zitten in positief en negatief, als je het zo wilt noemen. Dus iedere overtuiging is zoals jij zei: ja, maar het kan iedere dag feest zijn. Het is een overtuiging, het is geen waarheid. Het is jouw waarheid op dat moment. Maar als je het gaat toetsen: is dat echt zo? En in iedere cultuur zijn er ook gedeelde overtuigingen. In Nederland: doe maar normaal, doe je al gek genoeg. Ja, wat is normaal? Wat is gek? Wat is gek? Daar zit de overtuiging onder: hoe jij gelooft dat het is. En de hamvraag is altijd: is deze overtuiging behulpzaam? Daar begin je aan een leuke weg. Dus als ik bezig ben met iets en denk: ja, dit is onmogelijk. Is dat behulpzaam? Eerst dat ik hoor is: nee! Oh, oké, dat is interessant. Dit is niet behulpzaam. Dus hier ligt een uitnodiging. En als het niet mogelijk is, technisch kan ook, maar vaak is dat technisch meer mogelijk dan wij geloven. Maar mocht dat niet zo zijn, kun je wel kijken naar: wat kan ik er dan wel mee? Maar in deze, die worstjes, is iedere dag mogelijk. Of je nou pasthoudbrood hebt of een worstje bij je brood hebt. Denk ik dan. Dus dan is deze overtuiging behulpzaam. En kinderen zijn daar nog wat vrijer in, die zijn wat minder beperkt in hun overtuigingen nog. Zeg maar: hoe ouder je wordt, hoe meer overtuigingen je jezelf opbouwt. Hier komt die uitspraak vandaan, ooit: the only limits are the limits of your imagination. Een overtuiging is een grens, dus een limiet die jij jezelf oplegt. Dat is een overtuiging? Ja. Een grens en limiet die je jezelf oplegt? Ja. En is dat behulpzaam in deze situatie? Ja, om te herkennen en te voelen: ja, wil ik dit dan nog? Daar is het goed in, keus. Helder!